Diverse berichten

O P L O S S I N G   V O O R   M O D E R N E   B R A N D S T O F P R O B L E M E N   O L D T I M E R 

Beste autoclub,
Graag brengen we uw leden op de hoogte van de oplossing voor de brandstofproblemen die Oldtimers ondervinden met ethanol.
Wilt u dit bericht verder verspreiden onder uw leden, bijvoorbeeld door publicatie in uw clubblad? Bij voorbaat dank.
Millers Oils Benelux, Casper Hanken


Additieven beschermen oldtimers tegen ethanol
Oplossing voor moderne brandstofproblemen Oldtimers
BREDA – De problemen die voor oldtimers ontstaan door milieuwetgeving op de brandstoffen zijn zo goed als opgelost door het toevoegen van brandstofadditieven. Ondanks het verbod op lood in benzine en de toename van biobrandstoffen zullen oldtimers hierdoor nog jaren goed kunnen rondrijden.
De klassieke voertuigen ondervinden grote hinder door de moderne brandstoffen. Deze wagens hebben niet het vermogen om efficiënt en op milieuvriendelijke brandstofformules te rijden. Door het lood uit de benzine te verwijderen werden de kleppen niet goed meer gesmeerd.
De toevoeging van ethanol zorgt voor corrosie in de veelal stalen tanks van de oldtimers. Daarnaast tast ethanol andere metalen en materialen aan, zoals aluminium, rubber, leer en kurken pakkingen, dat voor problemen met brandstofslangen en afdichtingen kan zorgen. Ethanol wordt een steeds groter probleem, omdat er steeds meer ethanol wordt toegevoegd aan de benzine. In Nederland is dat nu vijf procent, maar dit zal naar verwachting tien procent worden. In enkele andere landen bestaat de brandstof al voor 85% uit Ethanol.
Martyn Mann, technisch directeur bij Millers Oils: ‘De meeste oudere wagens zijn niet gebouwd met het milieu in het achterhoofd. Liefhebbers kunnen enkel kiezen uit de moderne brandstof die bij de pomp wordt aangeboden. Met de huidige hoge benzine prijs en onderhoudskosten die vaak het budget overschrijden, is een gecorrodeerd brandstofsysteem het laatste waar de klassieker liefhebber op zit te wachten. Dat zijn dure problemen.’
Daarom haalt Miller Oils drie brandstofadditieven naar Nederland, speciaal voor oldtimers. VSPe Power Plus, VSPe en EPS. Per 1 april zijn ze voor de liefhebbers van oldtimers beschikbaar.
VSPe Power Plus is een ‘alles-in-één-behandeling’, dat bescherming tegen Ethanol biedt, lood vervangt en het octaan verhoogt met twee punten. Het tweede product biedt hetzelfde, zonder de octaanverhoging. En EPS biedt alleen bescherming tegen ethanol. Dit laatste product wordt aanbevolen voor gereviseerde klassieke motoren en voertuigen met geharde klepzetels die op ongelode benzine rijden.
‘Met deze langdurige bescherming kunnen oldtimers nog jaren hun kilometers maken zonder dat er problemen ontstaan. Na de Britse en Schotse autorijders kunnen nu ook de Nederlandse rijders in oldtimers er gebruik van maken’, aldus Mann.
-------------
Noot voor de redactie
Meer informatie is verkrijgbaar bij Millers Oil Benelux, www.millersoils.nl. t. 076 581 1318.


D O O R   D E   M O T O R B R I L   G E Z I E N 

Nog een stukje

Hebben jullie in het laatste "Het motorrijwiel " dat artikeltje gelezen?
Ad van Bohemen schreef in “Door de Motorbril gezien” iets over karakter van motorfietsen.
Niet iedereen zal het er mee eens zijn maar ik vond het uit m'n hart gegrepen.Gelukkig heb ik weinig pech met mijn motor
maar ik vind het steeds weer een kleine overwinning als ik zonder pech of grote problemen weer op de plaats van bestemming of thuis kom.
Lezen dat artikeltje !!!!!!!

Gerard.


H E T   F O L L O W - U P   S Y S T E E M .   R I T   M E T   V O O R R I J D E R . 



Het follow-up systeem. Rit met voorrijder.


In het verleden is wel eens gebleken dat bij het rijden in een toertocht de regels voor het rijden met het follow - up systeem niet altijd voor iedereen duidelijk zijn. Daarom deze regels nog eens op een rijtje:

De ritleider draagt een ORANJE vest en rijdt altijd vooraan.
De hekkensluiter draagt een GROEN vest en rijdt altijd achteraan.

Bij het vertrek gaan de zijspannen en de langzame motoren vooraan rijden; zij doen niet mee in het follow - up systeem.

De ritleider geeft bij richtingverandering de rijder die onmiddellijk achter hem rijdt de plaats aan waar hij moet staan, in de richting waar de rest ook naar toe moet en wel zodanig dat hij goed zichtbaar is voor de rest van de groep. Hij moet daar blijven staan totdat de hekkensluiter (met het groene vest aan) eraan komt en aangeeft dat hij weer verder mag rijden.

Als er een pechgeval is, stop er dan niet bij, meestal wordt dit opgevangen door de bezemwagen.
Bij het naleven van deze eenvoudige regels kan het niet anders of al diegenen die bij het begin van de rit vertrokken zijn komen aan het eind van de rit ook weer terug.


N I E U W E   V E R K E E R S R E G E L S   P E R   1   A P R I L   2 0 0 8 

NIEUWE VERKEERSREGELS PER 1 APRIL 2008
Wat verandert er voor u?

Per 1 april 2008 verandert een aantal verkeersregels.
Hieronder de belangrijkste wijzigingen.

Bromfietsers 45 km/uur op de rijbaan

Op de rijbaan mogen bromfietsers en gemotoriseerde gehandicaptenvoertuigen voortaan 45 km/uur rijden. Dat is veiliger, omdat deze snelheid beter aansluit bij de snelheid van de auto’s op de weg.

Let wel op, want op het (brom)fietspad is en blijft de maximumsnelheid voor bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen 30 km/uur binnen de bebouwde kom en 40 km/uur daarbuiten. De maximumsnelheid van de snorfiets blijft
25 km/uur.

Op de stoep of het voetpad mogen gemotoriseerde gehandicaptenvoertuigen niet harder rijden dan 6 km/uur. Dit in verband met de veiligheid van de voetgangers.

Skaters ook op het fietspad

Behalve op de stoep of het voetpad mogen skaters voortaan ook op het fietspad. En als er geen fietspad of stoep is, mogen skaters op de rijbaan.

Speciale dagrijlichten mogen aan

Sommige auto’s hebben speciale ‘dagrijlichten’ die bedoeld zijn om de auto overdag beter zichtbaar te maken. Automobilisten mogen die lichten nu ook gebruiken.

Mistlampen

Als de mistlampen en de dimlichten aan de voorzijde van de auto tegelijk branden, bestaat de kans dat je verblind wordt door de reflectie van je eigen dimlicht. Daarom hoeven de dimlichten niet meer aan als de mistlampen branden.

Passagiers vervoeren op echte zitplaats

U mag passagiers in de auto alleen vervoeren op een échte zitplaats, die gemaakt is voor het gebruik door volwassenen tijdens het rijden. Passagiers mogen dus tijdens het rijden niet zitten op een geïmproviseerde zitplaats of een zitplaats voor gebruik bij stilstand, zoals een zitbank in een camper.
Er zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld het vervoer van kinderen tot 1.35 meter op een standaard of achteraf ingebouwd bankje in een stationwagen en passagiers die gebruikmaken van een rolstoel.
Tijdelijke verkeerstekens gaan voor

Bij wegwerkzaamheden staan vaak tijdelijke verkeerstekens op het wegdek. Die gaan boven andere verkeerstekens op de weg.

Matrixborden gelijk aan gewone verkeersborden

Elektronische verkeersborden (matrixborden) boven of naast de weg die bijvoorbeeld een maximumsnelheid aangeven, hebben voortaan dezelfde betekenis als ‘gewone’ verkeersborden. Maar staat op het matrixbord een andere maximumsnelheid dan op het verkeersbord dan geldt het bord met de laagste snelheid.

Nieuw vlak op het wegdek: het puntstuk

In de nieuwe verkeersregels komt een nieuwe woord voor: ‘puntstuk’.
Dit is een vlak op het wegdek op de plaats waar wegen zich splitsen of bij elkaar komen. Puntstukken mogen, net als verdrijvingsvlakken, niet gebruikt worden. Daarop is één uitzondering. Als een puntstuk in een spitsstrook ligt, mogen de bestuurders die deze spitsstrook volgen, over het puntstuk heen rijden.

Tot slot: gordels om!

Bovenstaande verkeersregels gaan in per 1 april 2008. Er gaat er ook nog één op 1 mei in. In auto’s die op alle plaatsen gordels hebben, mogen niet langer méér inzittenden worden vervoerd dan er gordels zijn.

Er zijn nog meer nieuwe verkeersregels in de maak. Die gaan naar verwachting in de loop van volgend jaar in. Daarover leest u tegen die tijd meer. Meer informatie: www.verkeerenwaterstaat.nl


O V E R G E N O M E N   U I T   B M W   M O N O   R E V U E 



OVERGENOMEN UIT BMW MONO REVUE

Sleutelmiddag 2004

Op zaterdag 23 oktober vond de sleutelmiddag plaats in het PMT te Schaarsbergen. Vanaf 11 uur druppelden de deelnemers binnen, en konden we beginnen met de taxaties van 4 mono's.

Het thema van de inleidingen was "De cosmetica van de mono" en werden gegeven door Ron Konijnendijk, Henk Schmidt over poedercoaten en Theo Terwel over stralen, spuiten en biezen. Voor de talrijk aanwezige leden en de leden die niet aanwezig waren volgen hier wat aantekeningen die ik besprak. Let wel, ik spreek uit ervaring als amateur, gebruik makend van eenvoudige middelen. Voorts: onderhoud en cosmetica hebben met elkaar te maken.

Reinigen in het algemeen: met heet water, groene zeep, afwasmiddel. Niet spuiten. Een sterk loog raad ik af, dit tast aluminium aan.

Rubber: na reiniging talkpoeder aanbrengen met een kwastje. Aanbrengen van rubberen handvatten en voetsteunen met talkpoeder of kruipolie. Beslist geen olie, vet of benzine.

Kabels: zonder nylon - smeren met naaimachineolie of een mengsel van motorolie en kruipolie. Mèt nylon - nooit smeren en watervrij houden vanwege vorst. Bij de tellerkabel: spaarzaam aanbrengen anders komt er olie in de teller.

Nylon meenemer van de Hardy schijf van de R26 en R27: met water.

Banden: bandenzwart dient het uiterlijk, niet de kwaliteit. Bewegende

delen: eerst vet en daarna (motor)olie.

Uitlaat verbindingen en bougies: copraslip of zinkslip aanbrengen tegen vast gaan zitten.

Accupolen: zuurvrije vaseline aanbrengen.

Wiellagers: lithiumvet aanbrengen dat niet hygroscopisch is en tegen hoge temperaturen kan.

Roest: na schuren met een zwak zuur zoals citroen- of azijnzuur behandelen en goed afspoelen. In cola zit citroenzuur en koolzuur en kan worden gebruikt.

Ontvetten: tri, aceton (vervliegt snel) of wasbenzine (goed luchten). Geen benzine of terpentine gebruiken want die zijn vettig.

Terpentine (niet te verwaren met terpentijn) kan wel als er een lak wordt gebruikt die daarin oplost.

Poetsen van chroom en staal: met alles waar gemalen puinsteen in zit zoals b.v in tandpasta of Brasso. Alleen chroom is onzichtbaar poreus, dus dat moet wat vettig blijven

Stralen met alugrid: m.i. alleen de cilinders, cilinderkoppen vanwege de ribben, en slechte metalen onderdelen zoals van spatborden. Aluminium van het motorblok, etc. behandelen met de staalborstel op een boormachine en verder reinigen met gewone benzine (goed luchten) of terpentine.

Polijsten: alleen het gladde aluminium van de swingarmdoppen bij de R26 en R27, en van de doppen aan de voorvork en stuurdempers van de R25 serie.

Biezen: afplakken of met de hand met penselen van lange marterharen. Dit is zeer moeilijk werk maar de lange haren dempen de trillingen van de hand uit.

Verchromen, verzinken: het doel hiervan is een fraaier uiterlijk en het beschermen van het onderliggende metaal b.v. ijzer, staal of aluminium. Hier hebben we te maken met de praktische metaalspanningsreeks

t.o.v. waterstof die verdeeld is in onedelmetaal, Al, Zn, Fe en edelmetaal Cr, Ni, Pb, Cu en Pt in deze volgorde. Als een geleider zoals water, pekel, etc. en zuurstof aanwezig zijn, dan kan een edelmetaal een onedelmetaal aantasten. B.v. poreus of beschadigd chroom doet ijzer roesten, dat roest heeft een groter volume en drukt

het chroom weg. Bij chroom op aluminium bij de stuurdemperknop van de R26 en R27 is dit nog erger. Koper ertussen geeft aantasting van het chroom (maar dat valt te poetsen), doch ook het ijzer. Maar dan is het vocht wel erg ver doorgedrongen. Verzinken is het beste voor de bouten en moeren (galvaniseren) omdat het onedeler is dan ijzer. Bij beschadiging vormt het zinkpatina met CO2 uit de lucht ter bescherming. Bovendien werkt het als smeermiddel.








Contact